Icarus’ Souls

2012-02-06 — Vincent Leeuw
Icarus’ Souls

Hoe krijg je mij zo ver om een spelcomputer te kopen? Breng er Kid Icarus op uit. En dus heb ik nu eindelijk een 3DS in handen want Kid Icarus is er nu voor verkrijgbaar. De oude NES-versie in 3D-jasje welteverstaan, want Uprising laat nog anderhalve maand op zich wachten. Vrijwel niemand snapt die fascinatie met een obscuur NES-spelletje.

Ondertussen weet ik zo bijna alles wel van die game, op een ding na: de scoreberekening. Alles wat je afschiet levert punten op. Deze leveren je aan het eind van een level een extra blok levenskracht op. Zeg maar een soort ervaringspunten. Maar er is ook een ‘geheime’ score die verborgen wordt bijgehouden voor de speler: een tweede ‘XP bar’. Deze tweede score bepaalt of Zeus je een Strength Arrow geeft, waarmee je aanvallen sterker worden. De handleiding verwees er destijds naar dat zo ongeveer alles wat je deed invloed kon hebben, maar hoe precies was onbekend.

Een Google-zoekopdracht later kwam ik er achter dat iemand pas een paar jaar geleden het lumineuze idee kreeg om de ROM van Kid Icarus open te kraken en te kijken hoe dit uurwerk deze tweede score bijhield. Wat blijkt: iedere verslagen vijand en verzamelde hartjes leveren punten op. Als je wordt geraakt, een pot in een schatkamer kraakt, of een pijl afschiet, krijg je minpunten.

Vooral het laatste deed me duizelen. Elke pijl?! Ineens draaide de hele focus van de game om. Het was nogal wiedes dat je veel vijanden moest verslaan en ontwijken, maar je moest ze ook nog eens ‘perfect’ verslaan zonder pijlen te verspillen. Daarbij waren de schatkamers nu ineens gevuld met dood en verderf. In deze kamers mag je zoveel potten kapotschieten als je wilt, maar zodra je een van de voorwerpen erin oppakt verdwijnt de rest. De truc is dat er altijd een pot is die je als laatste moet kapot schieten. Ben je te gierig en schiet je die eerder kapot dan komt de God der Armoede vrij en verlies je meteen alles.

Maar gecombineerd met het feit dat elke opengeschoten pot je een forse berg minpunten oplevert, plus dat als het fout gaat je ook nog eens de schatten verliest is dat een forse straf. Ineens werd duidelijk waarom ik soms de game kon uitspelen met een derde Strength Arrow en soms met enkel de eerste.

Met die nieuwe info in het achterhoofd begon ik dus opnieuw Kid Icarus te spelen. De nieuwe focus op efficiëntie en perfectie zette de game op z’n kop. Ik speelde ineens een 8-bit Demon’s Souls.

Het is nog steeds moeilijk, maar in plaats van overleven is het speelveld veranderd: patronen beginnen belangrijker te worden. Het niet verslaan van vijanden vormt een reden een level te herstarten en 999 hartjes verzamelen is nu zeker haalbaar. De game is als herboren.

En het beste van dit alles? Het is ineens kristalhelder waar de inspiratie voor Uprisings Intensity-mechaniek vandaan komt. Lang leve efficiëntie en perfectie. En hee, da’s lang niet slecht voor een 25 jaar oude game die niemand snapt.